Geschiedenis

Het begin
In 1936 is het huidige woonhuis gebouwd door Handrie van Enckevort (grootvader van de huidige eigenaar). Naast dit woonhuis staat al enkele jaren een schuur die dienst doet als kippenstal. Het nieuwe huis dient gedeeltelijk als woning en gedeeltelijk als stal. Verder worden er enkele akkerbouw gewassen geteeld. Na de 2e oorlog is het bedrijf langzaam uitgebreid en teelt Handrie al snel verschillende tuinbouwgewassen in de vollegrond. Naast de start met tuinbouw begint Handrie ook met de teelt van bessen. In 1956 worden de eerste aardbeien geteeld door de inmiddels meewerkende zoon Hay. Dit wordt uitgebreid naar 2-2,5 hectare. Gedeeltelijk worden er aardbeien geteeld voor de verkoop, daarnaast gaan ze ook aardbeiplanten vermeerderen.


Aardbeien onder glas
In 1961 is het bedrijf overgenomen door Hay (zoon van de stichter) en Riek van Enckevort. In 1962 wordt vervolgens de eerste verwarmde kas van Kronenberg gebouwd. Het gaat om een kas met een oppervlakte van 1000 m2. De kas is gebouwd doormiddel van een houten constructie. In deze kas worden in het voorjaar aardbeien geteeld. Nadat het aardbeien seizoen afgelopen is komen er augurken en tomaten in de kas. Na 2 jaar wordt de kas uitgebreid naar een oppervlakte van 2100 m2. De teelt van aardbeien onder glas wordt gecombineerd met een aardbeienteelt in de vollegrond. Ook worden er nog steeds aardbeiplanten vermeerderd voor eigen gebruik en de verkoop. In 1976 komt de huidige eigenaar, Huub van Enckevort, in vaste dienst op het ouderlijk bedrijf. In 1990 gaat hij samen met zijn vrouw Maria in een maatschap met zijn ouders.

Vervolgens wordt er in 1992 grond gekocht van de buurman.waarop een nieuwe kas (type Venlo-kas), met een oppervlakte van 3100 m2 is gebouwd. 2 Jaar later, in 1994, nemen Huub en Maria het bedrijf over van de ouders.


Modernisering en specialisatie
Inmiddels telen Huub en Maria de aardbeien onder glas, niet meer in de grond maar in containers met substraat op teeltgoten. Dit substraat is een mengsel van potgrond veen en kokosvezel. De teeltgoten hangen op hoogte. Voor het personeel heeft het als grote voordeel dat men niet meer met de knieën op de grond hoeft te oogsten, dat kan nu allemaal staand op ooghoogte gebeuren. De werkbelasting is daardoor een stuk minder. Daarnaast doet de biologische bestrijding zijn intrede, wat er voor zorgt dat het milieu minder belast wordt. Door middel van natuurlijke vijanden worden plagen in toom gehouden.

In 1995 wordt het bedrijf verder gemoderniseerd. De oude houten kas wordt vervangen door een nieuwe Venlo kas, met een oppervlakte van 3000 m2.

Dit is tevens het laatste jaar van de aardbeienteelt in de vollegrond. Door tegenvallende opbrengsten en het moeizaam vinden van voldoende personeel is besloten hiermee te stoppen. Het vermeerderen van aardbeiplanten voor de verkoop is inmiddels ook beëindigd, zodat de aandacht volledig op de productie van kasaardbeien is komen te liggen. Midden jaren 90 van de vorige eeuw doet een nieuwe manier van plantopkweek zijn intrede. Dit is een trayplant. Voorheen gebruikte Huub en Maria planten van het vermeerderingsveld (wachtbed). Ze kweken de planten niet langer op in de vollegrond, maar in trays. Trays zijn bakken met vakjes erin. In die vakjes komt substraat waarin de aardbeistek wordt geplaatst en kan groeien. Deze trays staan buiten op een containerveld. De opkweek van trayplanten is enkele jaren eigenhandig gedaan op een speciaal hiervoor aangelegd veld.

Vanaf 2004 is de opkweek uit handen gegeven aan een gespecialiseerd bedrijf, om zo een betere kwaliteit plant te kunnen garanderen.

Daardoor kunnen Huub en Maria zich volledig toeleggen op het telen van een lekkere aardbei, met een uitstekende kwaliteit. Inmiddels is in 2002 het bedrijf opnieuw uitgebreid met een nieuwe kas van 4000 m2, wat het totaal areaal op 1 ha brengt. De planten worden in de kas voorzien van alle benodigdheden, zoals water, voeding en CO2. De planten gebruiken niet alle voeding die ze krijgen toegediend, de overtollige voeding vloeit uit en wordt doormiddel van een opvangsysteem verzameld, gezuiverd en vervolgens hergebruikt. Hierdoor beperken ze de emissie naar het omliggende milieu. De kas wordt verwarmd door middel van een ketel. Bij de verbranding van gas komt CO2 vrij. De vrijgekomen CO2 wordt opgevangen, en vervolgens in de kas gebracht. Dit brengt zowel voor ons tuinders als ook voor het milieuvoordelen met zich mee.

Planten hebben naast licht en water CO2 nodig om te kunnen groeien. Door de planten extra CO2 te geven kunnen ze betere en lekkerdere aardbeien produceren. De CO2 die gebruikt wordt door de planten komt vervolgens niet in de lucht terecht.

Inmiddels staat er een nieuwe generatie in de startblokken om mee te gaan werken in het bedrijf. Rob, de oudste zoon van Huub en Maria, is afgestudeerd aan de HAS in Den Bosch in de richting tuin- en akkerbouw. Hij wil ook graag een eigen bedrijf beginnen. Voordat deze plannen werkelijkheid worden wil hij eerst elders ervaring opdoen.